< Projecten

De beroemde Rembrandt

Zondag 18 augustus 2019
atelierrepliek Rembrandt Zelfportret met beschaduwde ogen
Na restauratie

 

Het portret van Rembrandt dat vanuit kasteel Viderup in Skane, Zweden, in 2015 in Uppsala opdook, was van een oude foto bekend geweest, maar was nooit eerder door kunsthistorici gezien of verder onderzocht. Vanwege de hoge schilderkunstige kwaliteit alsook de duidelijk met het blote oog waarneembare uitvoering van achter naar voren door middel van uitsparingen (zogenaamde reserves), werd besloten om het schilderij technisch te onderzoeken, om te weten te komen of dit een atelier-repliek was van het schilderij uit 1635 dat zich nu in Buckland Abbey bevindt. Immers, de tentoonstelling over Rembrandts zelfportretten in 1999/2000 in Londen en Den Haag had weliswaar een productie van hoogwaardige replieken door het atelier aan het licht gebracht, maar van deze productie was nog maar weinig of niets systematisch onderzocht.

Inderdaad bevestigden zowel het dendrochronologisch als het röntgenonderzoek dat het Zweedse schilderij in Rembrandts atelier ontstaan zou moeten zijn. De jongste jaarring van het eikenhouten paneel dateert uit 1626 waarmee het schilderij op zijn vroegst in 1632 geschilderd kan zijn. De röntgenopnames lieten weliswaar geen noemenswaardige veranderingen in de compositie tijdens de uitvoering zien, maar juist hiermee kon het ontstaan in het atelier verder worden bevestigd, omdat het prototype in Buckland Abbey uit 1635 in de röntgenopnames nou juist wel de nodige artistieke veranderingen in het maakproces toonde.

Op basis van deze veranderingen en ook vanwege andere argumenten had Ernst van de Wetering in 2005 voor een herwaardering van het schilderij, waarvan eerder de authenticiteit was betwist, gepleit. Hij erkende weliswaar de door het Rembrandt Research Project eerder opgemerkte strange emptiness rond de figuur, maar beargumenteerde dat de compositie vanwege de beschaduwde ogen nou net een hele belangrijke plaats in de productie van Rembrandts zelfportretten inneemt. Niet voor niets is een getekende kopie opgenomen in een Vanitas-stilleven door Abraham Susenier en is de figuur ook te zien in de ets Ecce Homo door Jan van Vliet uit 1636 (zie afbeeldingen).

Abraham Susenier Vanistasstilleven
Abraham Susenier, Vanitasstilleven, ca 1669-72

 

Jan van Vliet, Ecce Homo
Jan van Vliet, Ecce Homo

 

In navolging van het zelfportret uit 1629 nu in Boston, presenteert Rembrandt zich hier als een historisch figuur. Hij doet dat door het gebruik van een fantasiekostuum maar ook door de subtiele beheersing van licht en schaduw. Opvallend zijn de slagschaduw op de achtergrond en ook de schaduw over de ogen.

Door deze elementen is dit portret wel geïnterpreteerd als een Vanitas en in verband gebracht met de passage uit Job 8:9 die als antwoord op zijn klaagzangen van zijn vrienden te horen krijgt: “dat wij niets weten; dat wij pas gisteren geboren zijn en ons leven hier niet meer is dan een schaduw”.

Een dergelijk verband lijkt ons vandaag de dag nogal vergezocht. Want in 1635 geniet Rembrandt van succes en roem. In 1634 is hij getrouwd met Saskia; het gaat hem voor de wind en hij heeft geen reden tot klagen, zoals Job dat wel had. Voor Rembrandts zelfportretten staat men dan al in de rij. Rembrandt weet hoe hij faam moet schilderen, zodat iets van die roem ook op de bezitter afstraalt. Dit is de echte sensatie van de zelfportretten. En de echte faam is die waarvan de bezitter weet dat dat ‘licht’ ook ooit weer schaduw wordt.

De Zweedse repliek werd in juni 2017 succesvol geveild en vervolgens door Menno Dooijes gerestaureerd.

atelierrepliek Rembrandt Zelfportret met beschaduwde ogen
Voor restauratie