Marktberichten

Van de Master of the Crucifix no 343 (werkzaam omstreeks 1230/50) tot Frans Vervloet (1795-1872): een verslag van de veilingen van Oude Meesters in New York, januari 2014

dinsdag 4 mrt 2014

Wie geen moeite had de koude van deze winter in de Verenigde Staten te trotseren - naar zeggen de koudste winter in vijftig jaar - werd op de kijkdagen van Christie’s en Sotheby’s getrakteerd op een rijk en gevarieerd aanbod aan oude meesters uit maar liefst zes eeuwen.

Alleen al de groep schilderijen van Hollandse meesters uit de 17e eeuw, met schitterende voorbeelden van Jacob Ochtervelt (1634-1682), lot 38 Sotheby’s (www.sothebys.com/en/auctions/ecatalogue/2014/old-master-paintings-n09102/lot.38.html); Jan Miense Molenaer (1610-1668), lot 36 Sotheby’s (afb.1); Gerard van Honthorst (1590-1656), lot 34 Sotheby’s (www.sothebys.com/en/auctions/ecatalogue/2014/old-master-paintings-n09102/lot.34.html); Frans van Mieris (1635-1681), lot 5 Christie’s, en Jan van Goyen (1596-1656), lot 37 Sotheby’s (www.sothebys.com/en/auctions/ecatalogue/2014/old-master-paintings-n09102/lot.37.html), was de oversteek over de oceaan meer dan waard.

Deze groep van Hollandse 17e-eeuwse schilderijen had vooral een licht kleurenpalet en natuurlijk een smetteloze staat van conservering met elkaar gemeen. Maar behalve die cruciale lichte indruk en de prachtige staat hadden alle genoemde werken ook nog dat allerbelangrijkste extraatje, waardoor ze tot de topstukken uit de Hollandse 17e-eeuwse schilderkunst gerekend mogen worden. Neem Het duet door Jan Miense Molenaer, dat als lot 36 bij Sotheby’s voor een bedrag van $2.405.000 werd verkocht. Dit is een dubbelportret van de kunstenaar met zijn aanstaande vrouw Judith Leyster van omstreeks 1635. Hij speelt de luit en zij de cither en beiden kijken verwachtingsvol naar de beschouwer. De aanstaande bruidegom lijkt daarbij een lied te zingen. Schilderijen met een dergelijk persoonlijk karakter behoren tot het beste in het oeuvre van de kunstenaar, zoals duidelijk wordt uit het Groepsportret van de familie Molenaer uit dezelfde tijd, in het Frans Hals museum (www.franshalsmuseum.nl). Vergelijking met dat stuk bevestigde onmiddellijk dat Het duet van hetzelfde kwalitatieve kaliber is en dus tot die unieke groep van persoonlijk getinte werken in het oeuvre van de kunstenaar gerekend mag worden. De prijs is dan geen verrassing meer.

Afbeelding 1

De Jacob Ochtervelt (lot 38 Sotheby’s) krijgt dat extraatje door de bijzondere psychologische interactie van de personen in het schilderij, die verkregen wordt door het spel met de doorkijkjes. Eigenlijk is het schilderij natuurlijk een portret van een kind. Of het een jongen of een meisje is valt niet te zeggen. Hij of zij staat, rijk uitgedost, aan de hand van een dienstbode in het voorhuis van een statig grachtenhuis. Vermoedelijk is er net gebeld, want aan de deur staat een moeder met haar kinderen uit een duidelijk andere klasse van de maatschappij. De moeder heeft zich waarschijnlijk uit schaamte achter de deurpost onzichtbaar opgesteld, terwijl haar zoon zijn hoed door de deurpost steekt om een aalmoes te ontvangen. Achterin zijn de ouders van het kind te ontwaren, die het schouwspel in het voorhuis aanzien. Op een uiterst geraffineerde manier combineert dit schilderij het portret van zowel het kind als zijn ouders in een schitterende alledaagse setting, zonder dat het geheel saai wordt.

De Rustende reiziger door Frans van Mieris I (lot 5 Christie’s; www.christies.com/lotfinder/paintings/frans-van-mieris-i-a-traveler-at-5765856-details.aspx) is van een even groot maar totaal ander raffinement. Dit veel kleinere schilderijtje op koper dateert uit het midden van de jaren vijftig en wordt door de fijne lichtbehandeling en de verfijnde textuur van de kleding algemeen als een topstuk in het oeuvre van de schilder beschouwd. Wie deze reiziger is, is niet bekend, maar de jonge Van Mieris moet zich in deze jaren na 1648, toen na 80 jaren van oorlog de grenzen weer open waren gegaan, met hem verbonden hebben gevoeld. Misschien was het wel een collega-schilder uit Utrecht, wellicht zelfs een van de Italianisanten. Lichtval en de achtergrond wijzen in ieder geval op een bekendheid met Italië van deze rossige wandelaar met veldfles.

Zowel de Jan Miense Molenaer als de Frans van Mieris werden ter veiling aangeboden vanuit de nalatenschap van Eric Martin Wunsch (1924-2013) en getuigen van zijn bijzondere fijnzinnige smaak. Eric Martin Wunsch was ingenieur en de uitvinder van de vorkheftruck. Hij ontwikkelde daarnaast allerlei werktuigen die letterlijk de last van de menselijke schouders dienden te halen.

Een interessant en typisch Amerikaans fenomeen - dat in Europa gelukkig nog niet wordt toegepast - is de verkoop van depotstukken uit musea. Dit keer kwamen stukken uit het Metropolitan Museum en het Toledo Museum of Art in Toledo, Ohio, bij Christie’s onder de hamer. Steevast worden deze gepresenteerd als afkomstig uit het betreffende museum met de verzekering dat de opbrengst ten goede komt aan het zogenaamde Acquisition Fund. Onder de schilderijen die ter veiling werden aangeboden door het Toledo Museum of Art - in 2004/5 door het museum tentoongesteld onder de titel ‘The Unseen Art of the Toledo Museum of Art: What is in the vaults and why?’ - behoorde ook een portret van een zogenaamde Échevin (burgemeester) van Parijs door Philippe de Champaigne (1602-74) (www.christies.com/lotfinder/paintings/philippe-de-champaigne-portrait-of-an-echevin-5765900-details.aspx), dat helaas tijdens de Franse revolutie was toegetakeld. Maar zou dit laatste aspect dit stuk nu net niet museaal hebben gemaakt? Het verhaal van de Franse revolutie zichtbaar gemaakt aan een toegetakeld schilderij? In Europa kijken we intussen anders naar dit soort stukken. Onder die depotstukken uit Toledo was ook een zogenaamde Frans Hals (lot 292 Christie’s) waarvan we nu bij het zien van de foto niet meer kunnen geloven dat Wilhelm von Bode, C. Hofstede de Groot en Wilhelm Valentiner er ooit een echte Hals in zagen.

Enige tijd geleden klaagde Souren Melikian er in de Herald Tribune over dat er nauwelijks meer verzamelaars zijn die zich op kijkdagen laten verrassen. Ik weet niet of ik het met Melikian eens kan zijn en noem de volgende voorbeelden als highlights van de veilingen, stuk voor stuk schilderijen die bij het zien een enorme indruk achterlaten, maar niet meteen van de hand van de eerste categorie kunstenaars is: Giovanni Battista Gaulli, Il Bacciccio (1639-1709), Portret van een vrouw (lot 46 Sotheby’s; www.sothebys.com/en/auctions/ecatalogue/2014/old-master-paintings-n09102/lot.46.html) dat natuurlijk vanwege de bijzondere kwaliteit werd opgemerkt door Luca Baroni; het Portret van Olimpia Luna uit Bologna als Judith met het hoofd van Holofernes door Agostino Caracci (1557-1602) (lot 37 Christie’s; www.christies.com/lotfinder/paintings/agostino-carracci-portrait-of-olimpia-luna-as-5765888-details.aspx) en de Kruisafname door Sébastien Bourdon (1616-71), vroeger in de verzameling Spencer (lot 250 Sotheby’s; www.sothebys.com/en/auctions/ecatalogue/2014/old-master-paintings-n09102/lot.250.html). De lichtval en de pathos in dit schilderij maken het tot een meesterwerk (afbeelding 2).

Afbeelding 2

Tot slot: met het vroegste schilderij uit het derde kwart van de 13e eeuw - de Madonna door een schilder uit de omgeving van The Master of the Crucifix no 343 (lot 121 Christie’s) - tot het Gezicht op Istanbul door Frans Vervloet uit 1863 (lot 311 Sotheby’s; www.sothebys.com/en/auctions/ecatalogue/2014/old-master-paintings-n09102/lot.311.html) omspant de Oude Meester markt intussen zes eeuwen. Dat lijkt me wel een beetje lang.